Opnieuw rivierdonderpad in het Demerbekken

De rivierdonderpad komt in Vlaanderen nog slechts voor in een tiental beken, voornamelijk in heldere, zuurstofrijke en structuurrijke bovenlopen. Hij wordt bedreigd in heel West-Europa.
In het Demerbekken, het grootste deelbekken van de Schelde, werden de laatste rivierdonderpadden gevangen in de Herk in 1957. In 2003 werd tijdens een staalname van de Vlaamse Milieumaatschappij onverwachts een juveniel exemplaar gevangen in de Dorpbronbeek, een zijbeekje van de Kleine Gete.
Verkennend onderzoek toonde aan dat het hier gaat om de enige bekende relictpopulatie voor het Demerbekken. De toestand is er echter zorgwekkend, omwille van de recente achteruitgang en de beperkte afmetingen van de habitat.
Uit onderzoek van de KU Leuven blijkt dat de genetische diversiteit binnen rivierdonderpad in het Scheldebekken relatief laag is. Toch bevat deze ge´soleerde stam een relatief groot aantal 'private allelen'. Dit betekent dat een deel van de genetische variatie nergens anders wordt terug gevonden. Dergelijke populaties hebben een hoge prioriteit om beschermd te worden. Deze populatie wordt echter ook gekenmerkt door een zeer lage genetische diversiteit, een hoge differentiatie van de andere populaties en een extreme graad van isolatie zodat de leefbaarheid op korte termijn in vraag kan worden gesteld.
Het INBO werkt nu samen met het Agentschap voor Natuur en Bos aan een herstelprogramma, door de vis te kweken en te verplaatsen naar een aantal andere geschikte bovenlopen.
Mogelijk geschikte bovenlopen werden gescreend op basis van waterkwaliteit, voedselbeschikbaarheid en kritische habitatvariabelen. De kweekdieren dienen ook voldoende genetisch divers te zijn voor het vormen van levensvatbare populaties. Na de eigenlijke herintroductie moet een monitoringsprogramma worden opgezet.

INBO nieuwsbrief 22 januari 2009